Skip links

Minister Sterk wil Sportverenigingen Nederland betrekken bij nieuw sportbeleid

Minister Mirjam Sterk wil Sportverenigingen Nederland als gesprekspartner betrekken bij de verdere ontwikkeling van het landelijke sportbeleid. Dat zegde zij maandag toe tijdens het sportdebat in de Tweede Kamer, op verzoek van Kamerlid Mohammed Mohandis (PRO). Ook de BOSA-problematiek, toenemende regeldruk en betere ondersteuning van vrijwillige sportbestuurders kregen volop aandacht.

Voorafgaand aan het Kamerdebat kwamen ongeveer vijftig verenigingsbestuurders bijeen in Nieuwspoort. Onder leiding van Henk van der Pol van de BAV gingen zij in gesprek met Kamerleden van D66, PRO, CDA, VVD en SP. Stijgende kosten, onzekerheid over subsidies, ingewikkelde regelgeving en het tekort aan sportaccommodaties vormden de belangrijkste gespreksonderwerpen. De sportbestuurders volgden later die middag ook het debat in de Tweede Kamer.

Sportverenigingen Nederland als gesprekspartner

Tijdens het debat verwezen kamerleden Van Dijk en Mohandis naar de lancering van Sportverenigingen Nederland, eerder die dag in Nieuwspoort. De nieuwe belangenorganisatie ontstaat uit de fusie van het RVVB en de BAV.

De kamerleden vroegen de minister om de organisatie als volwaardige gesprekspartner te betrekken bij het sportbeleid. Ook wil hij in toekomstige sportbrieven kunnen teruglezen hoe de belangen van vrijwillige sportbestuurders bij beleidskeuzes meewegen.

Minister Sterk reageerde positief. Volgens haar brengt Sportverenigingen Nederland de praktische belemmeringen waarmee verenigingen kampen goed in beeld. Zij beschouwt de organisatie als een belangrijke gesprekspartner en wil haar onder meer betrekken bij de uitwerking van de nieuwe coalitiemiddelen.

Daarnaast kondigde de minister aan dat de komende maanden een eerder aangekondigde landelijke klankbordgroep van vrijwillige verenigingsbestuurders van start gaat. Zij kan zich voorstellen dat ook bestuurders vanuit Sportverenigingen Nederland daarin een plaats krijgen.

Van Dijk vraagt aandacht voor 300 BOSA-bezwaren

CDA-Kamerlid Inge van Dijk besteedde uitgebreid aandacht aan de problemen rond de BOSA-regeling. Volgens haar bereiden ongeveer driehonderd sportverenigingen via Sportverenigingen Nederland bezwaar voor tegen afgewezen subsidieaanvragen uit 2026.

Van Dijk stelde onder meer vragen over afwijzingen door onvolledige aanvragen. Soms ontbreekt volgens haar slechts een klein bonnetje. Zij wees daarbij op het belang van het ‘recht om te vergissen,’ ook voor vrijwilligers.

Minister Sterk erkende het probleem en gaf aan de regeling voor toekomstige aanvragen op dit punt te hebben aangepast. Over de lopende bezwaren wilde zij vanwege de juridische procedures geen inhoudelijk oordeel geven.

Voor 2027 trekt het kabinet 78 miljoen euro uit voor de BOSA-regeling. Daarnaast onderzoekt een werkgroep de mogelijkheden voor een aanvullend financieringsinstrument, waaronder een revolverend fonds voor sportaccommodaties. Het advies volgt eind dit jaar, waarna de minister in het voorjaar van 2027 met een reactie komt.

Huizenga en Van der Maas willen subsidieregels vereenvoudigen

D66-Kamerlid Renilde Huizenga wees op de ingewikkelde DUMAVA-regeling voor verduurzaming. Vooral kleinere verenigingen komen volgens haar moeilijk door de aanvraagprocedure. Zij pleitte voor betere begeleiding en eenvoudigere toegang tot de beschikbare middelen.

VVD-Kamerlid Erik van der Maas benadrukte dat BOSA en een revolverend fonds elkaar kunnen aanvullen. Ook vroeg hij aandacht voor de onderbenutting van DUMAVA, terwijl de BOSA-regeling juist zwaar onder druk staat. Samen met Van Dijk diende hij een motie in om de belemmeringen voor sportverenigingen bij DUMAVA te onderzoeken en zoveel mogelijk weg te nemen. Van Dijk diende daarnaast samen met Van der Maas een motie in over het beter benutten van DUMAVA bij verduurzamingsaanvragen.

Huizenga diende bovendien samen met 50PLUS een motie in om de ‘Derde Helft’ verder uit te breiden. Bij dit initiatief stellen sportverenigingen hun vaak leegstaande accommodatie overdag beschikbaar voor ouderen om samen te bewegen en elkaar te ontmoeten.

Pilot moet gemeenten en sportverenigingen dichter bij elkaar brengen

Van Dijk kwam daarnaast met een voorstel om de maatschappelijke rol van sportverenigingen beter te benutten. In een motie vraagt zij om een tweejarige pilot bij een representatief aantal gemeenten. Daarbij moeten gemeenten beleid en budgetten voor onder andere sport, gezondheid, welzijn, onderwijs en leefbaarheid beter op elkaar afstemmen.

Het doel is dat verenigingen niet langer van het ene gemeentelijke loket naar het andere hoeven, maar proactieve ondersteuning krijgen bij bijvoorbeeld huisvesting en maatschappelijke initiatieven. De motie vraagt om een voorstel in het eerste kwartaal van 2027, inclusief afspraken over monitoring en onafhankelijke evaluatie.

Minder regels en betere ondersteuning

Van Dijk pleitte daarnaast voor een maatschappelijke uitvoeringstoets bij nieuwe wet- en regelgeving. Daarmee moet de overheid vooraf beoordelen of nieuwe verplichtingen uitvoerbaar zijn voor vrijwilligersorganisaties.

Ook vroeg zij aandacht voor professionele ondersteuning buiten kantooruren. Veel verenigingsbestuurders werken overdag, juist wanneer de ondersteuningsorganisaties bereikbaar zijn.

Sterk erkende dat probleem. In de rijksbrede aanpak van regeldruk onderzoekt het kabinet de tien wettelijke verplichtingen die de meeste administratieve lasten veroorzaken. Uiterlijk in het tweede kwartaal van 2027 informeert zij de Kamer over de uitkomsten. Daarbij komt zij ook terug op ondersteuning buiten kantooruren.

Ook aandacht voor zwemverenigingen en ombudsfunctie

Mohandis verwees tijdens het debat naar de recente verkenning van het RVVB naar stijgende badwatertarieven bij zwemverenigingen. Volgens hem raken vooral kleinere verenigingen hierdoor in de knel. Sterk erkende hun kwetsbare positie en zegde toe hierover met de KNZB in gesprek te gaan.

Ook de onafhankelijke ombudsfunctie voor sportverenigingen kwam opnieuw aan bod. De minister wil in het voorjaar van 2027 concrete voorstellen aan de Kamer voorleggen. De uiteindelijke beslissing over de inrichting van deze functie ligt bij de Tweede Kamer.

Het debat maakte duidelijk dat de problemen van sportverenigingen nadrukkelijk op de politieke agenda staan. Met de toezegging van Sterk krijgt Sportverenigingen Nederland ook een expliciete rol bij het bespreken van toekomstige beleidsplannen. De komende maanden moeten uitwijzen hoe die betrokkenheid in de praktijk vorm krijgt.