Skip links

BAV en RVVB zetten stap richting één organisatie voor sportverenigingen

De Belangenorganisatie Amateur Voetbalverenigingen (BAV) en het Register voor Verenigingsbestuurders (RVVB) zetten een volgende stap in het proces om samen verder te gaan in één nieuwe organisatie. Michiel van Nispen onderzocht de afgelopen periode of daarvoor voldoende draagvlak, vertrouwen en perspectief bestaat. Zijn conclusie: er zijn verschillen, maar de gezamenlijke missie is sterk genoeg om door te gaan.

Van Nispen werd door BAV en RVVB gevraagd om als formateur te verkennen of het samengaan van beide organisaties wenselijk, haalbaar en realistisch is. Daarbij keek hij niet alleen naar de interne samenwerking, maar ook naar de rol die een nieuwe organisatie zou kunnen spelen bij belangenbehartiging, verenigingsondersteuning en de ombudsfunctie voor sportverenigingen.

“Dit is het moment omdat beide organisaties al bezig waren met belangenbehartiging en ondersteuning van sportverenigingen,” zegt Van Nispen. “Daarin hebben ze goed samengewerkt, maar het aannemen van de motie in de Tweede Kamer over de ombudsfunctie heeft de vraag opgeroepen: is er nog wel behoefte aan twee clubs die min of meer hetzelfde doen, of ben je samen sterker?”

 

Draagvlak om samen verder te gaan

Van Nispen voerde gesprekken met beide organisaties en raadpleegde daarnaast externe partijen. Uit die gesprekken komt volgens Van Nispen een duidelijk beeld naar voren. “Ik heb geconstateerd dat er natuurlijk verschillen zijn tussen beide organisaties in cultuur, werkwijze en ontstaansgeschiedenis,” zegt hij. “Maar juist ook dat er heel veel overeenkomsten zijn. Bij de partijen zelf, maar ook bij de externe partijen die ik heb geraadpleegd, is er veel draagvlak en steun voor het verdere samengaan.”

Die verschillen zijn niet onbelangrijk. De BAV heeft een lange geschiedenis binnen het amateurvoetbal en kent een verenigingsstructuur met een ledenvergadering. De RVVB is jonger, breder gericht op alle sportverenigingen en werkt sneller en activistischer. Juist daarom vraagt het vervolg om zorgvuldige afspraken over structuur, mandaat en besluitvorming.

Belangen behartigen én verenigingen ondersteunen

De nieuwe organisatie moet volgens Van Nispen vooral staan voor alles wat sportverenigingen helpt. “In hun doel en missie zou het behartigen van belangen centraal moeten staan,” zegt hij. “Richting bonden, maar ook richting politiek Den Haag, en lagere overheden. En daarnaast het zo concreet mogelijk ondersteunen van sportverenigingen waar zij behoefte aan hebben.”

Daarmee komen belangenbehartiging en verenigingsondersteuning nadrukkelijk bij elkaar. Een melding van een vereniging kan leiden tot directe hulp, maar kan ook een signaal zijn van een breder probleem. Van Nispen noemt als voorbeeld een reeks meldingen over een subsidieregeling die vastloopt of een verduurzamingspot die leeg is. “Dan is het ook belangenbehartiging in de vorm van politieke lobby. Dat kan in elkaar overlopen.”

De ambitie is dat verenigingen straks duidelijker weten waar zij terechtkunnen als zij vastlopen. Niet als extra loket naast bestaande structuren, maar als herkenbare plek waar signalen binnenkomen, worden gebundeld en waar nodig worden vertaald naar actie richting politiek, bonden of andere partijen.

BAV-voorzitter Cor Verbree-Geerman ziet in de verkenning een belangrijke stap vooruit. “Voor sportverenigingen is het vooral belangrijk dat zij weten waar zij terechtkunnen als ze ondersteuning nodig hebben of als hun belangen in het gedrang komen. Door de krachten van BAV en RVVB te bundelen, kunnen we verenigingen sterker vertegenwoordigen, signalen beter oppakken en met meer gewicht het gesprek voeren met bonden, politiek en overheid. Dat is uiteindelijk waar het om gaat: sportverenigingen helpen om hun belangrijke maatschappelijke rol goed te kunnen blijven vervullen.”

Daniel Klijn, directeur-bestuurder van de RVVB, ziet het samengaan vooral als kans om de versnippering in de ondersteuning van sportverenigingen tegen te gaan. “Bestuurders hoeven dan niet meer van loket naar loket te zoeken als zij vastlopen. Juist door kennis, signalen en belangenbehartiging bij elkaar te brengen, kunnen we sportverenigingen sneller helpen en hun stem sterker laten doorklinken richting politiek, overheid en sportorganisaties. Samen kunnen BAV en RVVB meer betekenen voor de mensen die iedere week hun club draaiende houden.”

Ombudsfunctie als belangrijk instrument

De aangenomen motie in de Tweede Kamer over een ombudsfunctie voor sportverenigingen speelt een belangrijke rol in het proces. Volgens Van Nispen doen BAV en RVVB op onderdelen al wat bij zo’n functie past: signalen ophalen, verenigingen verder helpen en problemen onder de aandacht brengen. “Je krijgt een melding binnen,” zegt hij. “Dan kun je die vereniging de juiste weg wijzen naar het goede punt, of je helpt ze meteen zelf. Maar tegelijkertijd kun je daarmee ook signalen verzamelen en een breder signaal afgeven.”

Daarmee krijgt de ombudsfunctie twee kanten. Aan de ene kant gaat het om praktische steun voor bestuurders die met vragen, conflicten of knelpunten zitten. Aan de andere kant gaat het om het zichtbaar maken van patronen die breder spelen in de amateursport. Juist die combinatie kan de positie van verenigingen versterken.

 

Samenwerken met bonden en NOC*NSF

Een nieuwe organisatie moet zich volgens Van Nispen nadrukkelijk blijven verhouden tot sportbonden, NOC*NSF en het ministerie. Zijn advies is helder: blijf investeren in goede relaties en samenwerking. “Het is niet je tegenstander,” zegt Van Nispen. “Het is je medestander. Blijf daarin investeren.”

Tegelijkertijd ziet hij voor de nieuwe organisatie een eigen rol. Bonden en NOC*NSF kijken naar het bredere sportbelang. De nieuwe organisatie moet juist vierkant opkomen voor de belangen van sportverenigingen, en de bestuurders, maar volgens Van Nispen hoeft dat samenwerking niet in de weg te staan.

 

Zorgvuldig, maar voortvarend

De komende periode gaan BAV en RVVB met de bevindingen naar hun eigen achterban. Als dat proces goed verloopt, volgt de verdere uitwerking van de nieuwe organisatie. Daarbij moeten onder meer de missie, governance, financiering, positie in het sportlandschap en praktische invulling van de ombudsfunctie verder vorm krijgen.

Daarna moet volgens hem zorgvuldig, maar voortvarend worden gewerkt aan de verdere uitwerking. Als richtdatum noemt hij 1 januari 2027. “Probeer dat wel voor 1 januari 2027 af te ronden.”

Voor Van Nispen zelf eindigt de opdracht met deze verkenning. “We gaan nu een nieuwe fase in,” zegt hij. “Ik heb hier met heel veel plezier aan meegeholpen, maar voor mij stopt het nu.”

Als de achterbannen instemmen met de vervolgstappen, kan de nieuwe organisatie uitgroeien tot één herkenbare stem voor amateursportverenigingen. Een organisatie die signalen ophaalt, verenigingen ondersteunt en hun belangen steviger agendeert bij bonden, politiek en overheid.