Na het meldpunt van het Register voor Verenigingsbestuurders, signalen van tientallen verenigingen en de zorgen vanuit de gemeente Hof van Twente, komt nu ook de casus Langeveen nadrukkelijk naar voren. Stichting MVL, voluit Maatschappelijk Vastgoed Langeveen, vraagt aandacht voor de problemen rond de uitvoering van de BOSA-regeling. Door het verlaagde subsidieplafond, de grote overvraging en ICT-problemen bij de openstelling dreigt voor het project een financieel tekort van circa 1 miljoen euro.
De zorgen rond Langeveen krijgen inmiddels ook bestuurlijke steun van de gemeente Tubbergen, waar Langeveen onder valt. Het college van burgemeester en wethouders richtte zich in een brief tot minister Sterk. Daarin wijst de gemeente op de gevolgen van de huidige BOSA-uitvoering voor maatschappelijke projecten in kleine kernen en plattelandsgebieden.
Eén casus, twee brieven
Stichting MVL schreef aan de Tweede Kamer. De gemeente Tubbergen schreef aan de minister. Beide brieven gaan over het multifunctionele accommodatie in Langeveen. Daarmee krijgt de BOSA-problematiek rond dit project twee kanten: de directe noodkreet van de stichting die het project trekt, en de bestuurlijke waarschuwing van de gemeente die de bredere gevolgen voor leefbaarheid en lokale investeringen schetst.
Voor Stichting MVL gaat het niet om een losse sporthal, maar om een voorziening voor het hele dorp. In de nieuwe MFA komen onder meer de basisschool, kinderopvang, een buurtkamer, sporthal en tennisbanen samen. Het project moet onderwijs, sport, ontmoeting en sociale samenhang in Langeveen voor de lange termijn ondersteunen.
Investeren op basis van bestaand beleid
Inwoners, ondernemers, verenigingen, de basisschool, dorpsraad, gemeente en provincie werkten de afgelopen tien jaar intensief aan het plan. Onder het motto “Mijn Dorp 2023” groeide het initiatief uit tot een gezamenlijk project voor de toekomst van het dorp. De bestaande accommodaties zijn ruim zestig jaar oud, verouderd en niet duurzaam.
De totale investering bedraagt ongeveer 10 miljoen euro. In de financiële opzet rekende de stichting op circa 1 miljoen euro uit de BOSA-regeling. Die aanname noemt MVL reëel, omdat de regeling jarenlang op die manier functioneerde. Inmiddels zijn de bouw- en installatiewerkzaamheden Europees aanbesteed, zijn contracten getekend en is de bouw gestart. Stoppen ziet de stichting niet meer als reële optie.
De gemeente Tubbergen onderstreept dat punt in haar brief aan minister Sterk. Niet alleen de initiatiefnemers, maar ook gemeente en provincie namen investeringsbesluiten op basis van de toen bekende uitgangspunten van de BOSA-regeling. Als tijdens de uitvoering een essentieel deel van de financiering wegvalt, ontstaat volgens de gemeente ook druk op lokale en provinciale begrotingen.
Van volgnummer 837 naar lotnummer 1552
De problemen ontstonden bij de openstelling van de BOSA-regeling op 5 januari 2026. Stichting MVL probeerde vanaf 9.00 uur de aanvraag in te dienen. Door ICT-problemen lukte dat niet direct. Pas na meerdere pogingen kwam de aanvraag om 10.42 uur binnen. Aanvankelijk kreeg die aanvraag volgnummer 837.
Later koos DUS-I vanwege de storing voor loting van de aanvragen. Daardoor schoof de aanvraag van Stichting MVL naar lotnummer 1552. De stichting schat de kans op toekenning daardoor als zeer klein in. In haar brief noemt MVL dat moeilijk te begrijpen: organisaties die vanaf het eerste moment klaarzaten en bleven proberen, kwamen alsnog in een willekeurige positie terecht.
De gemeente Tubbergen wijst in haar brief op dezelfde combinatie van problemen: een sterk verlaagd subsidieplafond, grote overvraging van de regeling en problemen rond de openstelling van het aanvraagportaal. Juist doordat het project al is aanbesteed, contracten zijn gesloten en de uitvoering in volle gang is, raakt deze onzekerheid niet alleen een aanvraag, maar een voorziening waar een dorp jarenlang naartoe werkte.
Meer dan een sportsubsidie
De kwestie in Langeveen laat volgens de gemeente Tubbergen zien wat de huidige BOSA-problematiek kan betekenen voor maatschappelijke initiatieven die aansluiten bij bredere beleidsdoelen: het versterken van sportvoorzieningen, het verduurzamen van maatschappelijk vastgoed en het behouden van leefbaarheid in dorpen en wijken.
Daarmee raakt de kwestie direct aan een bredere zorg van het RVVB. Vrijwillige bestuurders dragen verantwoordelijkheid voor grote maatschappelijke voorzieningen, maar lopen steeds vaker tegen complexe regels, veranderende voorwaarden en onvoorspelbare uitvoeringspraktijk aan. Dat zet niet alleen projecten onder druk, maar ook de bereidheid van mensen om bestuurlijke verantwoordelijkheid te nemen.
Stichting MVL wijst in haar brief nadrukkelijk op die risico’s. Vrijwillige bestuurders namen verantwoordelijkheid op basis van financiële uitgangspunten die op dat moment reëel en gebruikelijk leken. Als een essentieel deel van de financiering tijdens de uitvoering wegvalt, ontstaan voor de stichting en haar bestuurders aanzienlijke financiële en juridische risico’s.
Oproep om overgangsregeling
Stichting MVL vraagt de Tweede Kamer om een oplossing voor projecten die al zijn aanbesteed, financieel zijn ingericht op basis van de bestaande BOSA-systematiek en inmiddels in uitvoering zijn. Volgens de stichting mag een project dat jarenlang met steun van inwoners, vrijwilligers, gemeente en provincie tot stand kwam, niet alsnog vastlopen door een tekort in een rijksregeling en uitvoeringsproblemen buiten de invloed van initiatiefnemers.
De gemeente Tubbergen doet een vergelijkbare oproep aan minister Sterk. Het college vraagt om te onderzoeken of voor reeds aanbesteedde en gestarte projecten aanvullende middelen of een passende overgangsregeling beschikbaar kunnen komen. Daarbij vraagt de gemeente bijzondere aandacht voor projecten waarin verschillende maatschappelijke functies samenkomen en die van groot belang zijn voor de leefbaarheid van kleine kernen en plattelandsgebieden.
Voor het RVVB onderstrepen deze brieven opnieuw dat de BOSA-problematiek verder gaat dan één vereniging, één stichting of één aanvraag. Het gaat om sportaccommodaties, dorpsvoorzieningen, maatschappelijke initiatieven en vrijwillige bestuurders die op basis van bestaand beleid investeringsbesluiten namen. Juist daarom vraagt het RVVB om duidelijkheid, bestuurlijke verantwoordelijkheid en een oplossing voor verenigingen en stichtingen die nu tussen wal en schip dreigen te raken.

