Skip links

BOSA-loting roept juridische vragen op en zet sportprojecten onder druk

De BOSA-loting moest een uitweg bieden na de problemen bij het subsidieloket, maar lijkt voor veel sportverenigingen juist nieuwe onzekerheid te veroorzaken. Clubs die maandenlang toewerkten naar een complete aanvraag, zien hun plek in de rij plots afhangen van een loting. Subsidieadviseurs spreken van gewijzigde spelregels achteraf. Juridisch liggen er volgens sportrechtadvocaat Lars Westhoff aanknopingspunten voor bezwaar, al biedt gelijk krijgen geen garantie op subsidie. Volgens subsidieadviseur Ben Moonen van Sportsubsidie.nl zit de pijn niet alleen in de storing zelf, maar vooral in de communicatie daarna. Hij stelt dat vanaf ongeveer kwart over tien alweer aanvragen binnenkwamen, terwijl DUS-I pas om half twaalf meldde dat het loket weer toegankelijk was. ‘De tweede BOSA-alert is gewoon veel te laat verstuurd. Toen DUS-I om half twaalf meldde dat het loket weer toegankelijk was, waren er al zoveel aanvragen ingediend dat het budget feitelijk al op was.’

Ben Moonen, Sportsubsidie.nl

‘Goed voorbereide clubs zijn nu benadeeld’

Clubs die wachtten op officiële communicatie, kwamen daardoor volgens Moonen op achterstand. De loting lost dat probleem volgens hem niet op, maar vergroot het juist. Ook aanvragen die later op de dag binnenkwamen, loten mee. ‘Clubs die keurig op tijd klaarzaten en bleven refreshen, raken nu benadeeld. Clubs die volgens de oorspronkelijke volgorde weinig kans maakten, krijgen ineens alsnog een kans.’ Volgens Moonen voelt dat zeer onrechtvaardig. ‘Als iemand die bijna als laatste indiende nu bovenaan komt door de loting, voelt dat zeer onrechtvaardig.’

Ook Robert den Ouden van Sportstroom ziet de gevolgen direct terug bij sportverenigingen. Sportstroom begeleidt clubs onder meer bij verduurzaming en subsidieaanvragen. Volgens Den Ouden valt ongeveer de helft van de aanvragen waarbij hij betrokken is door de nieuwe loting buiten de boot. ‘Die clubs kregen zo’n hoog nummer dat je er eigenlijk vanuit kunt gaan dat het niets meer wordt.’

Kosten al gemaakt

Daarbij gaat het niet alleen om plannen voor de toekomst. Veel BOSA-aanvragen gaan volgens Den Ouden om kosten die clubs al maakten. ‘Dat zijn de reguliere BOSA-aanvragers met bonnetjes achteraf’, zegt hij. Clubs vragen de subsidie dan aan op basis van facturen en betaalbewijzen. Als zij nu geen bijdrage krijgen, ontstaat bij veel clubs direct een financieel gat. Bij grote renovaties en verduurzamingsprojecten vormt BOSA vaak een essentieel onderdeel van een bredere financieringspuzzel. Clubs combineren verschillende regelingen, maken afspraken met aannemers en stemmen investeringen af op de planning van gemeente en bestuur. Juist daarom raakt de vertraging clubs hard, zegt Den Ouden. ‘Clubs zitten in een schema van subsidies en investeringen. BOSA zou in januari duidelijkheid geven, maar begin mei ligt er alleen een lijstje na een loting. Planningen lopen grote achterstand op.’ Volgens hem wringt het ook dat aanvragers bij indiening een volgnummer kregen. Daarmee valt volgens Den Ouden nog altijd te reconstrueren wie wanneer indiende. ‘Iedere club kreeg een volgnummer. Aan de hand daarvan kun je nog steeds zien wie wanneer heeft ingediend. Terug naar de oorspronkelijke volgorde zou mijn insteek zijn.’ Moonen noemt als mogelijke noodoplossing om het beschikbare budget naar rato te verdelen.

Omdat er ongeveer veertig procent van het aangevraagde bedrag beschikbaar is, zou iedere aanvrager dan een deel van de gevraagde subsidie krijgen. Zelf ziet hij ook de beperking daarvan: bij grote nieuwbouw- of renovatieprojecten blijft dan nog steeds een fors financieel gat over. Den Ouden ziet een eenmalige ophoging van het budget tot het totale aangevraagde bedrag als de meest directe oplossing, al lijkt die route politiek onzeker en acht hij dat zeer onwaarschijnlijk. Terug naar de oorspronkelijke volgorde van indiening vindt hij logischer dan de huidige loting, omdat aanvragers volgens hem nog altijd een volgnummer hebben waaruit de oorspronkelijke volgorde blijkt.

Robert den Ouden, SportStroom

Lars Westhoff, Sportrechtadvocaat

Juridische vragen

Sportrechtadvocaat Lars Westhoff ziet juridische aanknopingspunten voor clubs die straks een afwijzing ontvangen. Volgens hem draait de discussie om de verdeling van schaarse publieke middelen. Daarbij moet iedereen op een eerlijke en transparante manier kunnen meedingen. ‘Er zijn zeker sterke juridische argumenten om tegen een afwijzing op te komen’, zegt Westhoff. De storing bij het loket, de informatievoorziening en het later wijzigen van de verdelingssystematiek kunnen daarbij een rol spelen. Tegelijk tempert hij de verwachtingen. Juridisch gelijk krijgen betekent volgens Westhoff niet automatisch dat een vereniging alsnog subsidie krijgt. Een rechter kan oordelen dat de procedure niet deugt, maar dat hoeft niet direct tot betaling aan de procederende club te leiden. Ook een nieuwe procedure of nieuwe verdeling kan dan in beeld komen. ‘Tegelijk betekent juridisch gelijk krijgen niet automatisch dat een vereniging alsnog subsidie krijgt.’ Volgens Westhoff zat VWS juridisch ook in een lastige positie. Doorgaan met de oorspronkelijke volgorde kon eveneens kwetsbaar zijn, omdat door de storing niet iedere aanvrager op gelijke wijze kon indienen. De gekozen loting kan daardoor als poging tot herstel gelden, maar roept tegelijk nieuwe vragen op over rechtszekerheid en vertrouwen.

Structureel tekort

Onder de discussie over de loting ligt volgens Moonen en Den Ouden een groter probleem. De vraag naar BOSA-subsidie overstijgt het beschikbare budget ruim. Daardoor ontstaat ieder jaar grote druk op het loket en op verenigingen die afhankelijk zijn van de regeling. ‘Het structurele probleem is dat er gewoon te weinig geld in de regeling zit’, zegt Moonen. Volgens hem moet VWS niet alleen naar deze ene loting kijken, maar ook naar de inrichting van de regeling. Nu kan één aanvraag oplopen tot een hoog bedrag. ‘Je kunt ook kijken naar aanpassing van de regeling, bijvoorbeeld door het maximale subsidiebedrag te verlagen. Dan kun je meer clubs helpen.’De loting moest een oplossing bieden voor een falend loket, maar vergroot voor veel clubs juist de onzekerheid. Voor verenigingen met gemaakte kosten of lopende renovatieplannen gaat het niet om een administratieve volgorde, maar om de vraag of hun begroting nog klopt. ‘Dit gaat niet meer alleen over een technische storing bij een subsidieloket. De vraag is hoe betrouwbaar een subsidiestelsel nog is als vrijwillige sportbestuurders daar grote investeringsbesluiten op moeten baseren’, zegt Daniel Klijn van het RVVB.